Adipocyte
Adipocyte
Het vetweefsel bestaat uit vetcellen, “adipocyten” genoemd, die de vetten opslaan. Het is over het hele lichaam verspreid. De adipocyten zijn min of meer talrijk – afhankelijk van diverse factoren, zoals leefomstandigheden, erfelijkheid, zwangerschappen, gewichtstoename, … – , vermenigvuldigen zich en vullen zich.
De verdeling van het vetweefsel verschilt naargelang het geslacht. Dat blijkt tijdens de puberteit en hangt samen met de werking van de geslachtshormonen. Testosteron, het mannelijke geslachtshormoon, zorgt ervoor dat het vet zich vastzet op het bovenlichaam, terwijl de oestrogenen, de vrouwelijke geslachtshormonen, het op het onderlichaam hebben gemunt.
Het vetweefsel bij mannen:
- vormt ongeveer 12 % van hun normale gewicht;
- zet zich vast op het bovenlichaam: nek, schouders, borstkas en maagstreek;
- mannen hebben slechts een dun vetlaagje op dijen en bips.
Het vetweefsel bij vrouwen:
- vormt ongeveer 25 % van hun normale gewicht;
- vrouwen hebben normaal gezien fysiologisch twee keer meer vet dan mannen;
- is vooral geconcentreerd op het onderlichaam: bips, dijen en heupen.
De natuur heeft er zo over beslist. Vrouwen zijn in de eerste plaats gemaakt om leven door te geven en de menselijke soort in stand te houden. Die functie vergt lichamelijke energie, want er zijn ongeveer 80.000 calorieën nodig om een kind ter wereld te brengen. Vrouwen beschikken over grote energiereserves, om niet alleen kinderen ter wereld te kunnen brengen, maar ze ook in alle omstandigheden te kunnen voeden, ook als ze niet genoeg eten. Het feit dat vrouwen zich voortplanten als ze dat willen en hun baby flesvoeding geven, heeft niets veranderd aan hun fysiologie.
De vetverdeling bij vrouwen verschilt echter ook naargelang hun etnische afkomst, of we dat nu graag hebben of niet! Zo hebben vrouwen uit het Middellandse Zeebekken vaker gewelfde heupen, terwijl vrouwen uit het Noorden slankere heupen hebben. Dij- en bipsvet is het hardnekkigste en het moeilijkst kwijt te raken.
Bron : www.e-gezondheid.be


